naar inhoud

Museum de Zwarte Tulp krijgt een nieuw gedeelte

In de tuin, grenzend aan het huidige museum is met man en macht gewerkt om een wel heel bijzondere uitbreiding te realiseren.
De eerste plannen hiervoor werden al gesmeed in het jaar 2000.

Op 11 oktober van dat jaar werd namelijk het interieur van de voormalige directiekamers, van kalkzandsteenfabriek van Herwaarden bv. te Hillegom, overgedragen aan het museum. Dat gebeurde bij monde van de directeur L.Mulder in aanwezigheid van wethouders M.Witteman van Hillegom en J. Schuijt van Lisse aan de heer Joop Zwetsloot, voorzitter van het bestuur van Museum de Zwarte Tulp. Door de VVV Hillegom werd bij die gelegenheid een bedrag van f 90.000.= (guldens) geschonken, te besteden voor de herinrichting.
raamkozijn De steenfabriek heette bij de oprichting in 1904 nog kunstzandsteenfabriek "Arnoud". Het zand voor de fabricage van dit kunstzandsteen werd gewonnen door de Maatschappij tot Exploitatie van Gronden "Veenenburg-Elsbroek". Zandgronden werden daartoe afgegraven of omgezogen, waardoor gronden ontstonden die voor de bloembollenteelt in cultuur gebracht konden worden.

De twee directiekamers, de een uitgevoerd in slavonisch eiken en de andere in grenen, dateren uit de tijd dat baron Arnoud van Hardebroek van Ammerstol, in het begin van de 20e eeuw, deze kamers liet inrichten in Neo-Renaissance stijl. Deze stijl werd door professor Henk van Os weer onder de aandacht gebracht bij de tentoonstelling 'De Lelijke Tijd". Soortgelijke inrichtingen vindt men ook in kasteel Oud-Wassenaar en museum van Gijn. Met prachtige lambriseringen, fraaie eikenhouten parketvloeren, balken plafonds en een schitterende schouw. Kortom een fraai voorbeeld van een compleet interieur uit een tijd dat ambachtelijk werk nog betaalbaar was. Voor een welgesteld fabriekseigenaar wel te verstaan.

Bij de overdracht waren de kamers nog in tact en moest nog begonnen worden met het demonteren van betimmeringen en overige interieurdelen. Bovendien was er nog geen bouwplan. Dus alles moest plankje voor plankje uitgenomen worden. En genummerd op zowel de onderdelen als op de tekening. Want zonder die hulpmiddelen zou de puzzel om het later weer op te bouwen niet te klaren zijn. Een groep vrijwilligers heeft dit monnikenwerk verricht en daarna werden alle onderdelen opgeslagen, wachtend op het moment van herrijzenis.

de nog lege tuinDoor allerlei perikelen duurde het tot 1 oktober 2003 tot met de bouw gestart kon worden.
Architectenbureau Bob van Beek uit Leiden stond garant voor het ontwerp. Een semi-permanente bouw. Gekozen is om de naastgelegen tuin over de gehele breedte te benutten voor de nieuwbouw. Er is een grote binnenruimte gecreëerd waarin de interieurs van de beide directiekamers precies zullen passen. Beide kamers worden gescheiden door een middengang. Tussen dit nieuwbouwdeel en het 'oude' museum is een royale binnengang gerealiseerd, zodat daarmee extra expositieruimte is verwezenlijkt.

de eerste kolommen staanHoofdaannemer bij de nieuwbouw was de firma Horsman uit Lisse. Voor de elektrische installaties tekende de firma Schoonderbeek uit Hillegom, firma Schulte en Lestraden droeg zorg voor de installatietechniek. Er werd in een zeer goede sfeer gebouwd en, wat zeer belangrijk is, mede dank zij deze firma's kon het plan gerealiseerd worden binnen de beperkte financiële mogelijkheden die het museum heeft.

Intussen waren de vrijwilligers ook weer gestart met hun werkzaamheden. Eerste berenklus was het plankje voor plankje schoonmaken van de parketvloer. En dat onder andere door mensen die in hun betaalde banen als enig gereedschap hun pen de eerste kolommen staan hanteerden! Voor deze parketvloer krijgt het museum advies van Tibboel Parket uit Lisse voor wat betreft het lijmen, opschuren en onderhoud. Want natuurlijk moet zo'n schitterende oude vloer met alle egards behandeld worden om weer in volle luister te kunnen schitteren.

In week 51 werd de nieuwbouw opgeleverd. Dan zit ook de klus voor de firma Admiraal uit Voorhout, die het schilderwerk voor zijn rekening nam, er op. En kunnen de medewerkers die het museum draaiende houden even op adem komen. Want wat is er een beroep op hun uithoudingsvermogen gedaan. Niet alleen buiten werd gebouwd, ook in het museum werd verbouwd. De voormalige koffiekamer werd gesplitst om daar straks een nieuwe keuken te kunnen installeren. Want de mooie directie kamers, in de toekomstige balzaal? wandelgangen ook wel Mechelse kamers genoemd, worden straks niet alleen museaal gebruikt, ze kunnen ook gehuurd worden voor het houden van groepsbijeenkomsten en feestelijke partijen in een zeer aparte omgeving. Daartoe werkt het museum samen met een cateraar. Straks allemaal mooi geregeld, maar tijdens de bouwperiode was het afzien voor de medewerkers. Geen normale watervoorziening. Heel, heel, koud. Soms plotseling zonder stroomvoorzieningen. En dan stof, stof, stof. Dat er geen vrijwilligers weggelopen zijn kan alleen verklaard worden door de goede sfeer die er onderling heerst. En de koffiekamer voor het museum? Dat wordt de voormalige directiekamer. De museumkoffie wordt straks 'op stand' geserveerd!

kabelwerk Maar met de ruwe nieuwbouw zijn we er natuurlijk nog niet. Er wordt nog binnenschilderwerk verricht door de vrijwilliger Gert de Bruin. En dan is er nog de enorme klus van het opnieuw opbouwen van de interieurs! Weer door die ploeg enthousiaste vrijwilligers uit Hillegom en Lisse. Het leuke wordt straks dat het museumpubliek de vorderingen van de opbouw kan volgen. Want de nieuwbouwgang wordt al eerder museaal ingericht. En dan kan men in de in opbouw zijnde, nu museale, directiekamers kijken. O.a. door een kozijn dat nog dateert uit de voormalige villa Veenenburg. Deze villa werd afgebroken om indertijd de kunstzandsteenfabriek te kunnen opzetten, maar het betreffende kozijn uit de villa werd toen opnieuw gebruikt. En ook bij deze compleet nieuwe montage is het kozijn in oude luister hersteld. Een fraai staaltje van recycling.

Naast de lambriseringen, vloerdelen en dergelijke zijn er ook andere zaken vanuit de directiekamers meegekomen naar het museum. Die komen nu successievelijk te voorschijn. We hebben het dan over meubilair, maar ook over een prachtig wandtapijt. Een foto daarvan is hier bijgevoegd. Mercurius kijkt vanuit de duinen naar een fabriek (de kalkzandsteenfabriek), die gelegen is in de bollenvelden. Prachtig zoals dit de relatie van de steenfabriek en de bollenteelt verbeeldt.

Het is een zeer fraai geheel geworden, het bewonderen meer dan waard.
Nog een tip voor degenen die hun waardering voor de inzet willen tonen: we hebben een fooienpot. Er zijn altijd dingen die tegenvallen, dus steekt u de medewerkers een hart onder de riem! Als laatste grote project bij deze nieuwbouw wordt de tuininrichting ter hand genomen. Of dat al een definitief karakter zal krijgen hangt weer van de financiën af. Maar dat het museumbezoek straks gebruik kan maken van een heerlijk zonnig terras is zeker. Vanuit de nieuwbouw krijgt men straks ook in de winter een fraai uitzicht op de tuinen.


De kamers zijn gereed

Met het ophangen van wat wanddecoraties, zoals het schilderij van baron Arnoud, is de inrichting van de kamers gereed. Het onthullen van het wandtapijt maakt de inrichting compleet. Het wandkleed blijkt een ontwerp te zijn van Jacob Bouhuys (geb. 31-07-1902 te Arnhem- overleden 1983). Hij was monumentaal ontwerper, schilder en beeldhouwer en werkte met zeer gevarieerde materialen (pentekening, aquarel, pastel, steen, brons, wandschilderingen, wandkleden en mozaïek). Zijn onderwerpen waren vaak (historische) figuren, het vissersleven en Veluwse landschappen. Het is in 2004/05 gerestaureerd door het Nederlands Textielmuseum te Tilburg. Nu bekend is wie de ontwerper van het wandkleed was zijn nog niet alle vragen over het interieur opgelost. Ook andere zaken moeten nog verder uitgezocht worden. Zo is er een discussie gaande over de periode waarin het interieur van deze stijlkamers ontstaan zou zijn. Oorspronkelijk werd gedacht dat het interieur rond 1915 geplaatst was, maar inmiddels is het aannemelijk dat het interieur eerst rond 1930 geplaatst is. Er wordt naarstig gespeurd om meer duidelijkheid te verkrijgen over datering en herkomst van het interieur. Dat neemt niet weg dat het goed toeven is in deze fraaie kamers. Eén kamer is in gebruik als koffiekamer van het museum. Maar het hele nieuwbouwgedeelte is ook te huren, compleet met catering. De corridors van het nieuwbouwgedeelte worden gebruikt om kleinere exposities op de bouwen.




naar inhoud
Voor vragen en opmerkingen kunt u een e-mail zenden naar   museum.dezwartetulp@12move.nl.
Copyright © 2006 St.Museum voor de Bollenstreek
Gewijzigd 28 maart 2006